“Mag ik iets vragen mevrouw?” Iemand stelt me die vraag in de supermarkt. Ik sta in een hoek gedrumd tussen twee koeltoonbanken van de zuivelafdeling. Na meer dan een jaar gemaskerd winkelen waarbij ik onder dwang een grote boog moest maken rond andere klanten, voelt het vreemd van zo nabij te worden aangesproken. De vraagsteller is een dame die ik iets ouder schat dan mezelf. Haar gezicht komt mij niet bekend voor. Herkent zij mij wel van ergens? Of wat kan deze onbekende persoon van mij willen? Ze is kleiner dan ik, wil ze dat ik voor haar iets van het bovenste schap neem? Of heb ik de laatste pot van haar favoriete yoghurt voor haar neus weggenomen?
(meer…)Auteur: Iris Salembier
-

Noord-Frankrijk
Het strand is bezaaid met rotsen, ze blinken als de ruggen van kolossale zeehonden die daar komen uitrusten. Ze liggen naast een fort dat stamt uit de zeventiende eeuw. Het werd gebouwd om de haven te beschermen en is eeuwen later door de nazi’s als gevangenis gebruikt. Dat lezen we op een infobord naast de gesloten inkompoort. Even verderop zien we ook nog de betonnen bunkers. De gedrochten liggen scheefgezakt van schaamte, half in het zand verdoken. Oorlog, het bevechten van grenzen, schieten op medemensen, niet omdat je dat zelf wil, maar omdat iemand anders dat wil, dat is niet meer van deze tijd, toch niet in Europa. De wereld is veranderd… Dat dacht ik toch, tot een paar weken geleden.
(meer…)
We gluren binnen in een bunker. Het is er muf en vochtig, op de muren staat graffiti en teksten. ‘Make love, not war’, naast de ingang een uitgepakte condoom. Iemand heeft de daad bij het woord gevoegd. -

Februari
Tot zondag en PS: wij drinken geen alcohol deze maand…
(meer…)
Ik duw op verzenden en weet dat de andere kant nu een zuur gezicht zal trekken. Het is een vervelende voetnoot die ik er moet aan toevoegen tijdens tournee minerale. En zeker deze keer, bij een uitnodiging voor een uitgesteld nieuwjaarsetentje, we zullen erbij zitten als vegetariërs in een grill-restaurant. -

Interview
Het is maandag, ik sta net op de crosstrainer als mijn telefoon afgaat. De beller heeft geluk, mijn hartslag is nog laag genoeg om iemand te woord te staan. De dame aan de andere kant van de lijn stelt zich voor als een collega. Haar naam zegt me niet meteen iets, maar dat is op zich niet vreemd. Bij het stadsbestuur heb ik honderden collega’s waarvan ik de meeste nog nooit heb gezien en zij mij ook niet. Slechts één keer per jaar is er een gelegenheid al die mensen te ontmoeten: de nieuwjaarsreceptie voor het stadspersoneel.
(meer…) -

Kinderziekenhuis
De inkomhal van het kinderziekenhuis in UZ Leuven voelt aan als de vertrekhal van een moderne luchthaven. Het is er weids en wit en in de lucht zweeft een reuzegrote vogel in origami in lichtblauw met witte wolkjes. Mijn zoon en ik staan er rond te gapen als twee toeristen die de weg kwijt zijn, onze koffer op wieltjes sleept achter ons aan. Aan de onthaaldesk vernemen we dat we ons moeten aanmelden bij een incheckbalie. We trekken een nummertje, wachten onze beurt af en bekomen ondertussen nog wat van de stresserende rit naar hier, het jachtige verkeer rond Brussel in combinatie met regenbuien… Dat we op tijd zijn, hebben we enkel te danken aan het feit dat we door de zenuwen veel te vroeg thuis zijn vertrokken.
(meer…) -

Lezing
De afgelopen week heb ik me als een echte groupie gedragen. Ik ben een artiest gevolgd op zijn tournee om twee keer hetzelfde optreden te zien, heb daarvoor het hele land doorkruist en durfde pas de tweede keer een handtekening te vragen. Maar toegegeven, alles berustte op een misverstand.
Idolen heb ik nooit gehad. Op de pennenzakken van vriendinnen in de middelbare school stonden namen in zwarte alcoholstift: Sting, Bon Jovi, George Michael… In hun kamers hingen de bijhorende levensgrote posters, die ze voor het slapen kusten, bij wijze van oefening voor als dat ooit zou voorvallen. Bij optredens bivakkeerden ze naast de artiesteningang en kwamen nadien euforisch terug op school met een simpele handtekening. Voor hen was dat het summum. Pas dan mocht je jezelf een echte fan noemen. Mijn pennenzak was onbeschreven en de muren in mijn kamer ook. Gelukkig, want van mijn vader mocht ik geen duimspijkers in de muur prikken.
Maar zeg nooit nooit.
(meer…) -

Wandeling
Filip en ik zijn niet praktiserend katholiek, maar toch houden we vast aan één geloofsprincipe: zondag is rustdag. Op de dag des Heren willen we geen drukte, geen verplichtingen en geen gedoe. Al is er één verplichting waar we niet onderuit kunnen: de hond moet gewandeld worden. Als dat niet gebeurt, valt er weinig rust te rapen.
(meer…) -

Happy single
Dit weekend ben ik uitzonderlijk alleen thuis. Met alleen bedoel ik, echt alleen, dat is zonder kinderen, zonder man, zelfs zonder huisdier. En hoewel ik bewust voor kinderen koos en 100 % toerekeningsvatbaar was toen ik in de trouwzaal mijn ‘ja’ uitsprak, toch moet ik toegeven dat ik er echt naar uitzie om eens een weekend te leven als een happy single.
(meer…) -

Allergie
Dag dokter, ik heb last van een soort allergie, denk ik. Ik heb heel diverse symptomen: vermoeidheid, maagoprispingen, veranderingen van mijn persoonlijkheid, misselijkheid… Het sluimert al meer dan een jaar in mijn lijf. Eerst had ik het vooral als ik ’s avonds in de zetel zat en naar het nieuws keek. Dus keek ik niet meer naar het nieuws. Maar dan had ik het ook op het werk als mensen over het nieuws spraken. Ik blafte ze af, wat totaal niet in mijn karakter ligt dokter om zo onbeleefd te zijn, maar het was sterker dan mezelf. Ik dacht dat ik een burn-out had of een depressie…
(meer…) -

Spoed
De verpleegster duwt mijn rolstoel de wachtzaal binnen. Hier moet ik wachten tot iemand me komt ophalen om RX-foto’s te nemen. Ze laat me achter, slordig geparkeerd, half in de doorgang, met mijn rug gericht naar de gang. Ik heb enkel zicht op de wachtzaal die aanvoelt als een doodlopend straatje.
(meer…)

