Restaurants gesloten, geen hondentraining meer, winkelen op afspraak… het wordt steeds moeilijker inspiratie te vinden in het echte leven. Een ideaal moment om wat fictie uit te proberen: korte verhalen, schrijfoefeningen, … Ik plaats ze hier in een apart luikje op mijn blog, zodat duidelijk is dat de eventuele misdaden niet écht zijn gebeurd.
Thomas en ik mochten niet samen op kot van mijn ouders. ‘Stel je voor dat er toch nog een kink in de kabel komt, dan zitten jullie daar het hele schooljaar met elkaar opgescheept!’ We zochten twee aparte kamers. Dat ze naast mekaar lagen in hetzelfde studentenhuis vertelden we pas nadat het contract was getekend. Wat die kink betreft, hebben ze gelijk gekregen, maar niet over het voordeel van twee afzonderlijke kamers. Mijn wereld lijkt in tweeën geknipt. Netjes op de lijn van de muur tussen onze kamers. Achter die gedeelde muur zit nu een gapend zwart gat dat uitzet en druk uitoefent. Die muur schuift langzaam dichterbij en dreigt mij te verpletteren.
Ik tast naar mijn slaappillen die ergens in de lade van mijn nachtkastje moeten liggen. Op de strip die ik eruit haal, staat ‘Rilatine’. Ik gooi ze terug. Elke vierkante centimeter hier is besmet met herinneringen.
Ik word wakker van een knal. De opluchting dat ik toch heb geslapen, slaat meteen om in ergernis dat iemand op dit nachtelijke uur de voordeur laat dicht knallen. De luidruchtige bezoeker loopt te dwalen in de traphal. Zijn voetstappen klinken steeds luider tot ze mijn verdieping bereiken. Hij heeft sleutels bij. Ik hoor ze rammelen vlak voor mijn deur. Mijn lichaam veert op. Dat moet Thomas zijn! De deur achter de muur gaat open en ineens voelt mijn kamer niet meer als een vacuüm getrokken verpakking. Frisse lucht stroomt binnen doorheen de poriën van de muur, ik kan weer ademen! Met vernieuwde energie spring ik uit bed. Ik loop op blote voeten de gang in en klop aan.
Niet Thomas, maar een onbekend meisje opent de deur. Ik zet een stap achteruit. Ze heeft een bleke huid en blauw geverfd haar tot over haar schouders. In haar haren zit een touwtje met houten kralen en op het uiteinde een blauw pluimpje. Gelukkig ben ik alert: die blauwe pluimen, ze kleefden ook aan zijn kleren toen hij thuis kwam van die fuif. Van een sjaal met pluimen van een vriendin had hij gezegd. Na die avond begon hij zich vreemd te gedragen. Maar ik heb haar ontmaskerd: ‘Hélène?’
Ze fronst haar wenkbrauwen. ‘Ik ben Hélène niet, maar een vriendin van haar.’
Ik kan me inderdaad niet voorstellen dat Thomas op blauw haar zou vallen. ’Ik woon hiernaast. Ik vroeg me gewoon af wie hier zo midden in de nacht binnen kwam?’
Ze laat de deur open en loopt terug de kamer in. ‘Sorry, heb ik je wakker gemaakt? Ik kreeg de sleutels van Hélène, dit is het vorige kot van haar nieuw lief.’
‘Thomas?’
‘Ja, Thomas, ken je hem? Ja natuurlijk, jullie waren buren.’
‘Buren, ja.’ Ik zie er het nut niet van in aan dit kind uit te leggen dat er niemand op deze wereld is die Thomas beter kent dan ik, zelfs zijn eigen moeder niet. Zij was mij tenminste dankbaar over hoe ik voor hem zorgde, zijn medicatie monitorde en hem zo zijn droom hielp realiseren: bewijzen dat iemand met ADHD deze studies aan kon.
Bovendien choqueert het me dat die Hélène het zeggenschap heeft over deze sleutels, dat ze die zomaar uitdeelt aan haar vriendinnen en dat mijn rol in het verhaal die is van een toevallig ex-buurmeisje van Thomas. Maar dit meisje gunt me de tijd niet om dat allemaal te verwerken. ‘Ik kom van een feestje bij hen, het huis lag daar al vol. Bijna iedereen van de Chiro was daar.’ Ze haalt een slaapzak uit de rugzak die ze bij heeft. ‘Hélène stelde me voor hier te komen pitten, nu dit kot toch leeg staat.’
Al die feestjes die wij aan ons hebben laten voorbijgaan! Hoe haalt hij het in zijn hoofd zijn studies op het spel te zetten om het feestbeest uit te hangen met die Hélène. Hij heeft al zijn concentratie nodig om te studeren. Zelfs mét medicatie lukt dat moeizaam. Dat moet hij toch zelf al beseffen? Misschien had ik hem beter verteld dat ik soms ‘s avonds nog een halfje in zijn avondeten verwerkte, omdat hij dan rustiger sliep? Nu ik er niet meer ben is er niemand die hem kan behoeden voor al die drukte.
Ik wil terug naar mijn kamer lopen, maar het meisje heeft net een ontdekking gedaan in haar rugzak. ‘Nu je toch wakker bent, zin in een slaapmutsje?’ Ze steekt een fles schuimwijn in de lucht die ze in al haar naïviteit met mij wil delen. Typisch Chiromeisjes!
Zonder te antwoorden ga ik op het bed zitten, omdat ik hoop dat de roes van alcohol de pijn kan verzachten. Van hieruit zie ik de plaats waar Thomas zijn gitaar altijd stond. Nu staat er een rieten kattenmand in de vorm van een iglo met een deurtje van metalen spijlen.
‘Heb jij een kat?’ roep ik uit.
‘Dat is Micky, de hond van Hélène. Het beestje was helemaal verschrikt door al die drukte daar bij hen. Ik stelde voor hem mee te brengen naar hier zodat hij even tot rust kan komen. Morgen breng ik hem terug.’
‘Maar moet dat beest niet plassen en zo?’
’Nee, hij is dat gewoon, hij komt een paar keer per dag buiten en doet dan zijn behoeftes.’
Het plaatje is compleet: huisje boompje en een perfect afgetraind beestje.
Ze sluit de deur die ik liet open staan en maakt het luikje van de mand los. Een hond, niet veel groter dan een dikke rat komt uit de mand gesprongen. Het meisje aait hem en gaat dan weer op de bureaustoel zitten. Ze begint het metalen omhulsel van rond het kurk los te prutsen. Ik schuif ondertussen achteruit op het bed en trek mijn benen op om te voorkomen dat de hond aan mijn tenen komt likken. Het hoofdkussen prop ik als steun tussen mijn rug en de muur. ‘Het moet wel een speciaal feestje geweest zijn, dat jullie met zoveel waren?’
De fles plopt open. Met haar mond vangt ze de bubbels op die eruit spuiten. Ik had nooit die vraag mogen stellen. Wat volgt is een stortvloed aan informatie en beelden waar ik niet tegen opgewassen ben. ‘Ja, ze wou Thomas aan ons voorstellen. Ze hadden cocktails gemaakt en er was een buffet met belegde broodjes. Het was precies een babyborrel.’ Ze lacht om haar grap, neemt nog een slok en steekt de fles dan uit naar mij. ‘Ik had die fles gekocht voor Hélène, maar ben die vergeten af te geven!’
Ik forceer me om een slok te nemen van de cava brut die bedoeld was om te klinken op Thomas’ nieuwe leven. De hond loopt heen en weer te dollen met de kurk die op de grond is gevallen.
‘Thomas is een toffe gast hé? Ik ken hem nog niet zo goed natuurlijk, maar hij was super sociaal… Hij speelt ook gitaar en maakt zelf nummers, wist je dat?’
Ik schud van nee en ben nu vrijwel zeker dat hij zijn medicatie niet meer neemt.
‘Hij had een nummer gemaakt voor Hélène, echt chic.’
Ik voel mijn maag samen trekken. Ik wil dat ze nu zwijgt, maar ze ratelt verder. De cava laat een brandend spoor na in mijn keel, slokdarm en maag.
‘Wil je een broodje’, vraagt ze, ‘het is een restje van het buffet?’ Ze steekt een open gevouwen aluminiumvel naar mij uit. Een receptiebroodje staart mij aan met ogen in de vorm van twee schijfjes komkommer. Ik zie Thomas en Hélène voor mij die flikflooiend samen broodjes klaarmaken. Mijn maag keert. Met de fles nog in mijn handen, lukt het mij niet snel genoeg om van het bed af te schuiven. De lavabo in de hoek haal ik niet. Mijn maaginhoud kletst op de vloer: spaghettisaus aangelengd met maagsappen en schuimwijn.
Ik hoor de wieltjes van haar bureaustoel achteruit rollen. Met mijn mouw veeg ik een restje vocht van mijn kin. Als ik op kijk, zit ze met opgetrokken benen op de stoel, haar handen voor haar mond en neus. Micky heeft geen last van de zure geur. Hij komt de plas kots verkennen, eerst likt hij wat van de saus en daarna proeft hij een brokje onverteerd gehakt. Het meisje kokhalst, maar zegt eindelijk niets meer.
‘Ik voel me niet zo lekker’, mompel ik en maak aanstalten om te vertrekken.
’Hé,’ ze springt op, ‘jij gaat dit toch opdweilen?’
Ik sta al bij de deur, in mijn ene hand de fles die ik vergat af te geven, in mijn andere de klink. ‘Dat doe ik morgen wel…’
Ze staat al vlak achter mij, ik voel haar hand op mijn schouder. ‘Morgen pas? Moet ik hier in die stank slapen? En strak is Micky misselijk, ik heb Hélène beloofd dat hem niets zou overkomen!’
Die naam, opnieuw die naam, het is me echt te veel, één keer te veel. Ik draai me met een ruk om, mijn armen zwieren rond mij, de beweging van een discuswerper. De fles spat open tegen haar hoofd, zoals tegen de buik van een schip voor het te water gelaten wordt. Ze valt neer en ik bedenk dat ik niet eens haar naam weet.
***
Ik open mijn ogen en kijk rond in mijn kamer die voor het eerst weer vertrouwd aanvoelt, mijn eigen veilige cocon. Mijn telefoon ligt naast me. Een ongelezen bericht van Thomas: Las net jouw sms. Wat scheelt er? Ben je op kot?
Waarom heb ik hem die sms vannacht nog gestuurd? Zijn hulp inroepen is een ingebakken reflex die ik dringend moet afleren. Wat haalt het ook nog uit als hij maar twaalf uur later reageert? Mijn bedoeling was hem te tonen hoe erg ik eraan toe was, hoe ik leed onder zijn vertrek. Maar nu bij klaarlichte dag, zie ik dat helemaal anders. Mijn hartslag versnelt, ik probeer diep in en uit te ademen. Hoe kan ik deze catastrofe nog afwenden? Ik herlees mijn sms van deze nacht: Thomas, heb iets stoms gedaan. Je moet me komen helpen. Gelukkig gaf ik geen details, ‘iets stoms’ dat kan alles zijn.
Eerst moet ik ervoor zorgen dat hij niet naar hier komt, en daarna zie ik wel. Ik tik: Is al beter, thx PS meisje dat in je kot sliep moest dringend weg. Ze vroeg mij alles terug te brengen (sleutels+hond). Adres aub zodat ik alles kan brengen.
Ik trek mijn kamerjas aan en haast me naar de gang. Mijn enige optie nu nog is gaan voor strafvermindering: zelf een ambulance bellen, zeggen dat het me spijt, verzachtende omstandigheden inroepen…
Ik wil binnen gaan, maar de deur is op slot. Hoe kan dat? Als zij die zelf heeft afgesloten, dan moet ze nog bij bewustzijn geweest zijn? Een bliep van een sms doet me opschrikken, alsof ik op heterdaad betrapt word. Een antwoord van Thomas: Waar heb jij het over? De kotbaas heeft mijn sleutels en je weet toch dat ik allergisch ben aan honden?
Ontdek meer van Vleermuys
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Spannend verwarrend verhaal . Tof
LikeGeliked door 1 persoon
Tof verhaal zeg!
Nele Verbeke
>
LikeGeliked door 1 persoon
Mooi om te lezen, straks het vervolg aub ,
LikeGeliked door 1 persoon
Waaw! Zo leuk om lezen!!
LikeGeliked door 1 persoon
Weerom heel mooi!
LikeGeliked door 1 persoon
Deze is het helemaal, Iris!
LikeGeliked door 1 persoon